5 januari 2011

Sucked into Sucre

Sucked into Sucre

By Anthony Policano

It’s the New Year, and all my excuses for remaining here in Sucre have been fulfilled.
Bolivia is one of those places that just consumes you. Why I haven’t written much here is beyond me… but I can tell that my experiences here will be burned in my soul for quite some. I won’t say it’s been easy or even entirely pleasant either, although in a way I am sort of cruising through (6 weeks already!) and what have I done? And where am I going? Even better question.

Tombs look like ovens here.
lazin-around, siesta time

Upon arriving two weeks ago, I relaxed a bit from my ass-kicking bike ride here from Potosí, taking up an easy schedule of museum and church-going, cemetery meandering, market-browsing, visiting the many chocolate shops, becoming a regular of the vegetarian restaurant (and their 4-course, $2 lunches), and passing hours in the town Plaza, the center of my world here, where I can see everyone I know and make new ones too. Socializing with my lovely hosts and various others has been a nice change of pace, as have been the holiday dinner parties and occasional nights out. Although after four days here I still wasn’t convinced that I should carry-out my intended mission: to find a Spanish school. The little voice inside me insisted I take a look. I’m pretty sure I was hesitant to get sucked-in, which is exactly what happened.


I collected some fliers, did my homework, and checked-out the two non-profit schools (meaning the foreigners’ Spanish classes pay for Bolivians’ English classes.) The first school didn’t give me any warm-n-fuzzies, but at the fledgling Fenix, however, I felt the family vibe immediately, and despite it being significantly farther from the center of town, I signed-up to take a class the following morning. In fact, I signed-up for the whole day: first my class, then I’d return (after siesta) to give-out hundreds of holiday gift bags to some needy/deserving campesinos, and in the evening we’d have a pot-luck dinner with all the staff and students of the school. What an Orientation day!

a view from school
Fenix holiday party, Lulu & kid (left)
My teacher, Lourdes (aka Lu Lu) is awesome, and after a few days of 2-hour classes which just whizzed-by – I was starving for some solid instruction! – I doubled my hours. I enjoyed my homework, my teacher, her cute daughter who was always popping-in (to her mother’s chagrin), and everyone at the school.

We got dinosaurs. (u can see fossil prints round here too)

My awesome Belgian hosts Kim and Dries took me out to a festival in a distant village, which was a nice contrast to the Colonial/Republican, somewhat European vibe here in Sucre. On Christmas Eve their roommates came home, and were also awesome, and I somehow felt adopted instead of moved-out, and happy to acquire a bigger family here in Sucre. I stayed in town for Christmas, continued with my classes, made a few more local friends, and the Holidays flew by. By the time I felt like I really should leave, the roommates made more travel plans, and welcomed me to stay in “my room” again through the New Year. I sheepishly asked Kim and Dries if I they’d mind (cool Belgians!), and they said they like having me around.

Kim & Dries took me to a festival in Tarabuco. A statue in town celebrates a bloody victory over the Spanish back in 1816.. culminating in killing them all and eating their hearts, letting only a little drummer boy alive to tell the tale. (They deserved it, taking all their food & raping all their women.) But eating their hearts?
More Tarabuco: Dries, Kim, Katy (owner of Samay Wasi restaurant/gallery) & Me (in gringo-friendly colorful alpaca cap)

I took nine classes with Lu Lu, got some excellent notes for continued reference, and said good-bye at the end of our final, Dec. 31 session. New Years came and went, as did much merry-making with my peeps. I saw virtually everyone I know here in the Plaza at midnight, and in a lapse of good judgement I sold my damned tie for a good-luck $100 bill (to a dude I saw again today, who shortly thereafter gave it to a French guy!) Kim, Dries & I spent the next days in pajama-therapy, recovering with movie marathons and pizza.
Today I went out, to regain my sea legs and make my move. First to the bus station for schedules. Then, as I’ve done before, I hopped a random micro to a random edge of town (to walk back:) Under big grey clouds which suddenly rolled-in and brought with it uncharacteristic cold, I felt a bit sad. I found refuge in my favorite of the many churches, La Iglesia San Francisco. Shortly after I sat in a pew right in front, a (Christian) rock-band, full-on with electric guitars, drum-kit and two singers, started playing a set to a decent audience which appeared out of nowhere. Somehow, I felt right again!


I hope that, in the absence of my new friends, I will again confide in my wee journal, to fill-in the many back-stories which have brought me across Southern Bolivia to where I am now. It’s horrible good stuff. Like the hallucinatory Salt Flats, the Devil inside Potosí (PS: that wasn’t The Tío in my last post), President Evo Morales, the dancing, karaoke, prostitutes, masks, costumes, weavings, colors, Cholitas, witches, heart-eating heroes, child laborers, transit strikes, stretching the goat… I need some discipline again, Ha!


Cholitas (all dressed-up, normally)

30 december 2010

Gasolinazo

Ik weet niet of het in Belgica in het nieuws is geweest maar de regering van Evo Morales heeft hier zojuist een erg controversiele beslissing genomen. Op 1 dag tijd zijn de prijzen van alle brandstoffen bijna verdubbeld. Het was 1 van de redenen waarom het kerstfeest in Tarabuco iets minder was dan normaal.

Maar waarom laten ze de prijzen zo spectaculair in prijs stijgen?

Er zijn verschillende redenen voor:

-     -  Zo is er hier een groot probleem met smokkelwaar. Omdat de prijzen hier lager zijn voor veel basisproducten worden die de grens overgesmokkeld naar landen als Brazil, Peru en Chili. En dat het een lucratief businessje was kan je hier snel zien (prijzen per liter naft):
o   Bolivia   -  3,74Bs/ nu 6,47
o   Brazil     -  12,14Bs
o   Chile      -  7,39Bs
o   Peru      -  6,89Bs
-     -  Een ander fenomeen dat hier blijkbaar al langer bestaat is dat ze hier geen belastingen betalen op brandstof, het is zelfs zo dat de regering de brandstofprijs kunstmatig laag houdt door subsidies te betalen aan productoren (die zijn genationaliseerd) en aan de import.
-     -  Dit leidt dus tot de absurde situatie dat bij import (meestal diesel uit Venezuela) de regering betaalt om de prijzen te drukken waarna de smokkelaar deze weer verkoopt in het buitenland. Uiteindelijk was de prijsstijging dus niet te vermijden. De prijsverschillen met de buurlanden waren te groot aan het worden. Zo betaalde de Boliviaanse staat in 2010 $380miljoen om de prijs te drukken. Waarvan naar schatting 100miljoen de landsgrenzen overgesmokkeld worden.

Dat lijken misschien geen gigantische bedragen mar vergeet niet dat we het over het armste land in Zuid-Amerika hebben. Een kleine vergelijking met Belgie:
Dit nieuws bleef natuurlijk niet zonder gevolgen. De dag dat het bekendgemaakt werd, zaten Kim en ik in Tarabuco. We moesten dus terug met het publiek transport. We betaalden 15 ipv 8Bs. Het frapante is dat ze op gas reden, wat niet in prijs is gestegen.

Ook staakt zowat al het openbaar vervoer. De bussen in het centrum, de grotere bussen tussen de steden. De taxis durven overdreven veel vragen en de prijzen van het eten in de central markt stegen onmiddellijk, met of zonder reden.  Iedereen vraagt een beetje wat hij wil, al mag je natuurlijk altijd onderhandelen.
 Dat blijft echter natuurlijk nooit duren. Na een tijdje stabiliseert de situatie (ook hier speelt de markteconomie). Het zal nog even duren maar de algemene impact zal waarschijnlijk niet zo groot zijn als nu wordt gedacht. Zo worden door de regering de prijzen van water en electriciteit bevroren. Zo ook de prijzen van LPG. De schattingen gaan uit van een algemene prijsstijging van 10 tot 20%.

Vorige nacht heeft Evo nog een aankondiging gedaan. Volgens de geruchten zou hij iets uitsteken met de dollar. Twas niet duidelijk wat hij juist ging zeggen maar uiteindelijk was het gewoon een speech om de mensen gerust te stellen. Nu heeft iedereen schrik dat hij maandag nog iets gaat aankondigen. Iedereen haalt alvast zijn geld van de bank.
    
Als afsluiter nog dit: op het moment van de bekendmaking, die gebeurde door de Vicepresident Alvaro Garcia Linera, zat Evo Morales in Venezuela. Hij gaf daar 50 ton rijst weg ten behoeve de slachtoffers van overstromingen…

enkele links:

http://edition.cnn.com/2010/WORLD/americas/12/29/bolivia.gas.prices/index.html?iref=allsearch
http://www.bbc.co.uk/news/world-latin-america-12082854

27 december 2010

Jingle Bols

Kerst vieren komt in Boliva in principe op hetzelfde neer als in Belgie, namelijk samen met de familie goed eten en kadootjes uitdelen. Maar de invulling van het hele kerstgebeuren is anders, en dat was interessant om hier te ontdekken

Het grootste merkbare verschil is natuurlijk dat het hier zomer is. De kerstversiering is ook anders. Buiten is er wel kerstversiering te zien, vooral op de plaza, en op belangrijke gebouwen. Eigenlijk kan je zeggen dat het bij de kerstversiering “alles of niets” is. Als er versiering is, dan is het meestal “over the top”, met muziekjes en alles erbij. Ofwel merk je helemaal niet dat het kerstmis is in bepaalde winkels of restaurants. Het kernwoord bij de kerstversiering hier is (naar ons normen): kitch.
De kerstversiering binnen, is ook wel van een ander kaliber dan die in onze huisjes. Wij hebben een (meestal) smaakvol versierde kerstboom met al dan niet een kerststal en al dan niet een paar extra kerstmisdecoraties in het huis. Hier herken je bij de families de boom alleen aan zijn vorm, en de kerststal heeft minstens de grootte van een kleine tafel. Piece de resistance is Jezus, die ze hier “el niño” noemen. Mensen vragen je als je op bezoek bent altijd of je de niño niet wil gaan bewonderen. En dan zie je daar een pop in porselein of was met een kleedje en juwelen. Meestal ligt er meer dan 1 Jezuske in de stal. Een  Jezuspop van de moeder, of de oma, of van wie zal meetafelen voor het kerstdiner. Naast de gepimpte Jezusjes die in bedjes liggen, zie je ook een hele resem aan dieren in de stal. Alles wat ze ook maar konden vinden in hun huis zetten ze in hun stal. Tot olifanten en Donald Ducks en Mickey Mouses toe. Die diertjes staan op mos. Die mos kan je kopen op straat bij de plattelandsmensen die normaal groenten op de grond te koop leggen, maar nu in de kerstdagen zie je allemaal doeken op de grond met mos. De dieren hebben honger, dus zetten ze graspotjes verspreid in hun stal. Een Jozef en Maria zijn optioneel, de Jezus is wel een must.  Herders heb ik nog nooit gezien. Verder moet je de stal nog opvullen met alles wat je liggen hebt in je huis dat ook maar aan kerst doet denken, zoals kerstlichtjes en slingers en versieringen. En hoe meer kerstmelodietjes je kan laten klinken uit de stal, hoe beter. Hun kerststal is trouwens meer een uitstaltafel dan een stal. Soms neemt de “stal” een hele muur in beslag, met allemaal verdiepingen, 20 niños incluis. (foto´s volgen als Dries zijn kabel heeft teruggevonden)
De stal staat er niet alleen om bewonderd te worden. Op kerstavond komt iedere gast binnen, gaat naar de Niño kijken of legt er de zijne in, doet een dansje en daarna wordt er redelijk snel aan tafel geschoven.  De danspasjes en de muziek heten “ Chutunki”, dat is Boliviaanse kerstmuziek. In Bolivia hoort bij elk muziekgenre een bepaalde dans, en bij de Chutunki is dat een soort tapdans light, je staat in 2 rijen en telkens danst er een persoon met de persoon uit de andere kant van de rij en danst naar het einde van de rij toe terwijl die met zijn voeten op de grond stampt.

Na de Boliviaanse Riverdance wordt er gegeten. De hoofdpla wordt niet voorafgegaan door een aperitief of een voorpla, er is evenmin een dessert (inderdaad, dat was een ontgoocheling voor mij). De hoofdpla is altijd “picana”. Dit gerecht wordt overal gegeten op kerstavond,en de dagen ervoor en erna. Het is een heel lekker gerecht. Als ik het zou moeten vergelijken met iets, dan zou dat waterzooi zijn. Het is een soort soep met vlees (varken en kip samen) , groenten (wortelen, ajuin, locoto, ook rozijnen) en zeker wel 10 verschillende soorten kruiden (peper, zout, zoete peper, nog andere peper, komijn, aji (is iets boliviaans), oregano en nog veel andere.) Wij hebben alletwee 3  keer picana gegeten in 2 dagen. Nati zal me nog eens voordoen hoe ik het moet maken zodat ik het voor jullie kan koken.

Picana


Julian pelt een gigantische berg maïs in ons salon,voor de picana
Nati is de kuisvrouw bij casa de turismo, haar man is de klusjesman. Ze zijn 29. Wij komen allemaal goed overeen, ook met hun kindjes. Toen we de kerstmarkt organiseerden, heeft Nati in ons huis de picana gekookt omdat we zo dicht bij de casa de turismo wonen. Nati heet voluit Natividad, dat komt van Navidad, want ze is op 25 december geboren. De picana van Nati was heerlijk. We werden uitgenodigd bij hen om kerstavond te vieren, maar ook bij Dries zijn ex-gastzin, en ook bij andere buitenlanders. De buitenlanders schrapten we vrijwel onmiddelijk als kerstavondplan. En omdat we de Villalpando’s al zo lang niet gezien hadden hebben we dus voor hen gekozen. Misschien vieren we oudejaar met Nati en Julian. Zij zijn afkomstig van de campo, van het platteland. De Villalpando’s zijn een rijkere familie. Het verschil is dat plattelandsmensen veel eenvoudiger zijn, ze zeggen wat ze denken en houden zich niet bezig met oppervlakkig vriendelijk fakegedoe. Daarom vinden we hen leuker om mee om te gaan. Maar pas op, van waar ze ook afkomstig zijn: de Bolivianen zijn zeer gastvrij.
Kerstavond bij de Villalpando’s verliep zoals ik verteld heb, maar alles verliep heel snel: toekomen, gebed, dansje, eten, en weer weg. Dat verbaasde me het meeste. En hoewel maar weinig mensen wisten dat Dries zou komen, en dan nog met een vriendin, deed niemand verbaasd of onwennig, we werden gewoon in de familie en de kookpot gesmeten zonder vragende gezichten.
Buiten de stad wordt kerst anders gevierd, en dat hebben we de 26e gezien in Tarabuco. Eigenlijk hadden we gepland om de 25e daar naartoe te gaan, maar het voordeel met kerst op het platteland is dat ze het daar 3 dagen lang vieren. Dus de 25e werd een uitrust- en chilldagje met een film want we hadden wat nood aan rust na 2 dagen op de kerstmarkt (die wij georganiseerd hadden) te hebben gestaan met wafels en chocomousse. Vanaf ergens in de late namiddag wordt er dus de 25e, 26e en 27e kerst gevierd en wel op deze manier. In het dorp staan de deuren van veel huizen open. Daar gaan er groepjes mensen dansend binnen, op de voet gevolgd door een live-orkestje. Eerst gaan ze Jezus in zijn stal of uitstalmuur groeten en daarna doen ze de Chutunki, de kerstpasjes. Er wordt hen vervolgens een glaasje chicha (alcoholdrankje gemaakt van mais) of chuflay (sprite met singani, de vodka van Bolivia) aangeboden, waarna ze weer dansend hun kersttour voortzetten van deur tot deur. In Tarabuco waren er een 3 of 5tal orkestjes. Iedereen die wil, mag zich toevoegen aan het groepje.
De armsten van het platteland blijven echter niet in hun dorp maar komen naar de stad. Het valt ons enorm op hoeveel inheemse mensen (met hun kleurrijke draagdoeken en mooie traditionele kledij en hoedjes, en met veel kindjes) er nu rondlopen in Sucre. Rond de kerstdagen zijn er namelijk voedsel- en speelgoeduitdelingen. Het heeft natuurlijk zijn charme om nog meer indigeense mensen te zien rondlopen, maar je wordt ook nog meer met hun miserie geconfronteerd. Op een normale dag bots je 1 of 2 keer op iemand die jou rechtstreeks aanspreekt om voedsel of geld te verkijgen, maar nu om de 100 meter bijna. Je kan niet aan iedereen iets geven en dat is wel lastig.
Op 25 december hadden we veel voedsel over van onze panpizzas die we niet verkocht kregen op de kerstmarkt de 2 dagen daarvoor. Ik heb dan een grote pasta gemaakt en porties gemaakt om uit te delen aan de arme mensen die we altijd zien als we langs de markt of de plaza passeren. We konden dat eten toch nooit zelf opeten. Ik vond het jammer dat het juist op kerstdag was dat ik dit (impulsieve) plan zou uitvoeren, want ten eerste hebben de armen al meer kans om iets te krijgen van mensen, en ten tweede wil ik niet de persoon zijn de z’n portefeuille alleen maar op kerstdagen bovenhaalt. Maar goed, Dries en ik vertrokken dus met de rugzak vol pastaporties op kerstdag. De eerste porties gaven we af, en toen kwamen we aan de plaza. Ik vroeg aan een familie: wil je iets eten? Zij natuurlijk: ja. Terwijl ik het wilde uithalen merkten de andere kinderen op de plaza dat er iets werd uitgedeeld en algauw stonden er (niet gezeverd) een honderdtal kinderen rond ons, sommigen vochten omdat ze iets van ons wilden, anderen keken vol vraagoogjes om iets te krijgen. Het was onmogelijk en niet leuk om op die manier voedsel uit te delen, wij wilden net subtiel een maaltijdje aanbieden aan mensen die het moeilijk hadden. Ons uitdeelavontuur, waarbij we net zoals in Afrikadocumentaires omringd waren door een massa kinderen en vrouwen, is dus niet verlopen zoals we het wilden want er liep 1 kindje (het recht van de sterkste) met de hele zak weg, en achteraf hadden we er een raar gevoel bij.
Wat er op oudejaar zal gebeuren in Sucre weten we niet goed, volgens mij zullen er in alle bars wel (gringo)feestjes zijn. Wij zouden graag met Nati en Julian een rustig etentje doen. We zullen wel zien waar we belanden, maar liefst niet bij de gringo’s want meestal zijn die hier enkel bezig met feesten, en wij zijn voor andere redenen naar hier gekomen.
Hopelijk hadden jullie ook een gezellig kerstfeest al dan niet met een gepimpte kerststal, jingle bells melodietjes die uit alle hoeken van de kamer kwamen, of wat kerstdanspasjes.




18 december 2010

Salar de Uyuni en het witte goud.

Eerst even een kleine reclameboodschap:


Bolivia is een van de meest diverse landen ter wereld, op zowat alle vlakken. Zo zijn er een 30-tal etnische groepen die elk nog eigen tradities en gewoontes hebben, die weinig of niet veranderd zijn.
De biodiversiteit is misschien een nog grotere troef. 16% van de oppervlakte is beschermd gebied. En Bolivia staat altijd hoog in de rangschikking als het om biodiversiteit bij fauna en flora gaat:


  • 6e bij vogels
  • 8e bij reptielen
  • 10e bij zoogdieren
  • 11e bij planten


Het feit dat het land van amazone naar andes gaat speelt natuurlijk een grote rol.


Een van de meest opmerkelijke landschappen is die van de Salar de Uyuni (zoutvlakte van Uyuni). Deze ligt in de departement Potosi tegen de grens met Chili op een hoogte van ongeveer 3650m, op de Altiplano. De zoutvlakte is de grootste ter wereld met een oppervlakte tussen de 10 en 12.000m² (Vlaanderen heeft een opp. van 13.500).


De witte vlek die je kan zien is de zoutvlakte. Links erboven ligt een kleinere zoutvlakte van nog eens 3000km². Deze wordt bijna niet bezocht.


Het is ontstaan toen het Minchinmeer langzaam is beginnen verdampen en enkel het zout achterbleef. Van dat zout wordt jaarlijks ongeveer 25 000 ton verwerkt van de geschatte 10 miljard. Naast deze inkomsten passeren er jaarlijks een 90.000 toeristen de Salar in jeeps, wat een peulschil is in vergelijking met bv Machu Picchu (400.000). Zij komen naast de Salar ook voor de gekleurde meren, flamenco´s en vulkanen bezoeken. Middenin de Salar liggen ¨eilanden¨, de bekendste daarvan is de Isla Incahuasi.


Isla Incahuasi


Naast het zout is de zoutvlakte ook een ontginningsplek voor vele mineralen en zouten zoals boor, kalium, magnesium, borax en nog een hele lijst waarvan ik eerlijk gezegd het nut niet van ken. Dé belangrijkste grondstof blijkt nu echter lithium te worden. Iedereen gebruikt het zowat in het dagelijkse leven. De Li-Ion batterijen zitten in laptops, gsm´s en tegenwoordig ook auto´s. En die markt blijft explosief groeien.


De schattingen lopen een nogal uiteen, van 9 tot 20 miljoen ton, zo´n 65 tot 87% van de wereldvoorraad  is dus te vinden in Bolivia. Maar de verwachtingen van Comibol gaan tot een mogelijke 100 miljoen, binnenkort worden boringen tot 200m diep gemaakt die dat moeten staven.


Zoutvlakte onder water tijdens regenseizoen


Evo Morales is ondertussen al sinds 2009 bezig met het bouwen van een fabriek zonder inbreng van buitenlandse expertise noch investeringen. Het idee is om industrieen te laten investeren in producten geproduceerd in Bolivia én waarbij Bolivia een meerderheid heeft in die ondernemingen.


Op die manier wil Evo alles strak in de hand houden en niet dezelfde fout maken die ze al verschillende keren hebben gemaakt. Namelijk enkel grondstoffen verkopen en er verder zelf geen profijt uit halen door de grondstoffen niet te verwerken tot producten met meerwaarde. De kans bestaat dus dat Bolivia een grootmacht a la Saudi Arabie wordt. Maar er kan nog veel gebeuren natuurlijk.


Enkele interessante artikels:


http://www.mo.be/artikel/de-pekelzonde-van-morales
http://www.oneworld.nl/Dossiers/flora_en_fauna/article/24741/Uyun_zoutvlakte_maakt_Bolivia_tot_grootmacht_op_lithium_markt


Foto´s worden zo snel mogelijk upgeload, wanneer mn harde schijf gerecupereerd is.



30 november 2010

KARENS BLOG OVER HET LAND WAAR ALLES KAN (EN MAG)

Omdat ik elke dag meerdere keren tegen Kim zeg "alle, in Belgie zou dat toch gewoon nooit kunnen??!", heb ik besloten een klein blogje toe te wijden aan alle verbazingen die me tijdens deze reis al te beurt zijn gevallen.















VERKEER

Regel 1 in Bolivie (de enige regel die ik totnutoe heb opgemerkt): koning auto heerst!

Voetgangers moeten echt wel uit hun doppen kijken als ze een straat oversteken. Zebrapaden zijn er immers niet en als ze er al zijn, dan worden die meestal genegeerd. Want koning auto heeft het recht om voetgangers omver te rijden als ze op "zijn" straat lopen. Het komt er dus op aan om auto's te ontwijken, te voorspellen of ze zullen afslaan of niet (want pinkers lijken hier niet echt van nut te zijn) en te zorgen dat je het maar snel op een loopje zet als je je vergist in deze voorspelling.

Verkeersregels zijn bijzonder schaars. Zolang je maar in rechte lijn op je bestemming geraakt, is iedereen tevree. Wat 's nachts ook erg handig is: verkeerslichten mogen genegeerd worden (of zo wordt het toch door de Bolivianen geinterpreteerd). Waarom zou je ook staan wachten aan een rood licht als je toch al weet dat er niemand van links of rechts kan komen. Gewoon afgaan op dat buikgevoel en jezelf voorrang geven.

Dit geldt ook voor de voorrang van rechts. Dit is zo'n nutteloze regel als het ook op een handige andere manier kan. Wat veel beter werkt is de toeter! Op een kruispunt geldt het volgende: wie eerst toet, eerst door mag. Het komt er dus op aan constant je vinger op de toeter te houden en zo je mannetje te staan bij de kruispunten. Deze toeter is trouwens ook erg handig bij verkeerslichten. Als je merkt dat het licht van rood terug op groen gaat springen, kan je proactief al beginnen toeten omdat de eerste auto nog niet in gang is geschoten. Zo verlies je in Bolivie nergens tijd in het verkeer!

Hoe zit het dan met het publieke transport?

Laat ik het eerst even hebben over de bussen: de micro's zoals ze hier genoemd worden zijn kleine busjes (zie foto) die soms Japanse opschriften hebben. Geen kat die weet wat erop staat, maar zolang importeren goedkoper is dan hier kopen, is het oke toch? Busstops zijn er ook maar zelden. Noch een kaart met de busroutes en nummers van de stad. Kortom: je moet op straat wachten tot je een micro ziet passeren met de eindbestemming die je zoekt en dan met een arm op en neer wuiven. Dit interpreteert de buschauffeur als een persoonlijke bushalte en stopt bijgevolg om je te laten opstappen. Daarna moet je hem, terwijl hij al terug in gang schiet, al wiebelend over een aantal hoofden 1.5 boliviano's toesteken zonder te vallen op de moeder met baby of de zak patatten. De chauffeur is getraind in wisselgeld tellen terwijl hij aan het rijden is.


Taxi's zijn ook een ervaring op zich. Eerst en vooral moet je min of meer onderhandelen over de prijs van de rit die je wilt doen. Je zegt dus bijvoorbeeld: "hoeveel is het om naar Calle Bustillo te rijden vanaf hier". De taxichauffeur geeft zijn prijs. Dan kan je hiermee akkoord gaan en instappen, of neen schudden en zeggen dat je het al goedkoper hebt gehad in het verleden. Als hij niet akkoord gaat met je onderhandeling rijdt hij gewoon door en moet je het bij een andere taxi proberen. Beslis je dan om toch in te stappen, merk je al vlug dat de auto niet echt voldoet aan alle regels. Gordels zijn er bijna nooit. Het stuur is soms gebricoleerd aan de linkerkant en aan de rechterkant staan de snelheidsaanwijzers (ook Engelse auto's zijn hier dus van nut) (zie foto). En als je geluk hebt, is je taxichauffeur sterk in de bovengenoemde persoonlijke voorrangsregels en raak je ultrasnel op je plaats.


Voor de langere afstanden zijn er dan de grote bussen. Omwille van de grote afstanden in Bolivie zit je hier vaak uuuuren in, meestal 's nachts. Maar om welke reden dan ook worden er in de bus geen lichten aangestoken. Dus moet je al vanaf 18u trachten in slaap te geraken. Gelukkig is er dan altijd nog Kim met haar leuke mopjes, type: "maarja, normaal dat ze die lichten niet aansteken, we zijn toch de enige die kunnen lezen in de bus". Tijdens de rit wip je vaak omhoog op je stoel omdat de straten er slecht bij liggen of omdat er simpelweg geen straten zijn, enkel kronkelige wegen vol putten doorheen de bergen. Voor de oversteek naar Copacabana, moesten we zelfs de boot op (zie foto).
 

ETEN

Als Belgie het land is waar plastiek zakjes stilaan met uitsterven bedreigd zijn, is Bolivie de plaats waar er een ware zakjesaangroei heerst. Alles krijg je mee naar huis in zakjes: je vlees, groenten en fruit, eieren, pasta, tot zelfs drank,... Zowel melk als fruitsap worden verkocht in zakken van 1 liter. Wat ook vaak in het straatbeeld opduikt zijn kinderen met kleine zakjes die uit hun mond hangen. Daar zuigen ze dan op het gemak hun sapje uit op zonder het zakje uit hun mond te halen.

In bijna elke "taverne" kan je jugo krijgen. Dan moet je kiezen uit een fruitsoort (en hier zijn er veeeel) en of je het met water of melk wilt. Vervolgens mixen ze dit dooreen en krijg je dit in een groot glas geserveerd voor geen geld. Dit is mijn absolute favoriet op vlak van eten en drinken in Bolivie, vooral omwille van het lekkere en verse fruit dat ze hier hebben. Hieronder een foto van de markt, waar je telkens 2 jugo's voor de prijs van 1 krijgt. Heeeeerlijk!!!

Zetmeelproducten liggen ook goed in de markt hier. Toen we tijdens onze busrit stopten in een dorpje, kocht ik er een take away avondmaaltijd aan een klein kraampje: een bakje met rijst, pasta en daarbovenop frieten en een kippenbout. Njam. En dit is geen uitzondering, meestal ligt er op je bord zowel rijst als patatjes. Soms zelfs 2 soorten patatjes..

Op restaurant of in de salteñeria kan je altijd kiezen tussen carne of pollo: vlees of kip.


DE STAAT

Als er iemand verkeerd geparkeerd staat, dan roept de ander uit zijn auto naar de politie die er vlakbij staat dat hij iets moet zeggen daarop (Kim en ik hebben dit zelf meegemaakt). Maar de politie haalt zijn schouders op. Hij heeft immers zelf helemaal geen probleem met die verkeerd geparkeerde wagen.

Een cholita die voor 't Stad werkt en bijvoorbeeld parken besproeit, krijgt een op maat gemaakt groen cholitapakje. Haar speciale voorkomen maakt dus echt wel deel uit van de maatschappij.


Als je verkeerd geparkeerd staat, krijg je in Belgie een boete. Omdat Bolivianen deze boetes waarschijnlijk toch niet betalen, hebben ze hier een betere oplossing bedacht. In plaats van een klein briefje tussen je ruitenwissers, krijg je een grote poster op je voorruit gekleefd. We hebben een man zien sukkelen om deze sticker eraf te krijgen, blijkbaar gebruiken ze superlijm, want zelfs met water lukte het hem niet.
 


HOTELS

Kosten gemiddeld zo'n 60 bolivianos per persoon (is ongeveer 6 euro), maar als je niet al te vies valt kan het gemakkelijk ook voor 30 bolivianos. Dat de bedlakens dan al es een samenraapsel van stofkes zijn en dat de gemeenschappelijke douche best met schoeisel betreden wordt, neem je er gewoon bij.

Douches worden in Bolivie verwarmd op elektriciteit. Als je de knoppen aanraakt kan je dan soms een schokske voelen in den douche. Het is dus beter de knop om te draaien met een handdoek. Er is trouwens ook maar 1 knop in de douche die zowel voor de hoeveelheid water als voor de warmte van het water dient. Met als gevolg dat  warm water alleen in een fijn straaltje kan en koud water a volonte.


EN DAN NOG WAT VANALLES

- Publieke wc's zijn niet altijd even aangenaam. Soms sta je met je teenslippers midden in een plas water gemengd met pipi. Nadat je je gevoeg gedaan hebt al steunend tegen de muur achter je, zoek je naar het wc-papier. Noppes. En als je dan als nette Westerling vervolgens op zoek gaat naar de sjas, kan je het ook voor bekeken houden. Want het systeem is dat je eerst naar buiten moet, een bidon met water vullen en zo alles trachten door te spoelen naar de ondergrond van Bolivie. Niet altijd met evenveel succes.. Evenmin als het mikken in het juiste gat. (zie foto)


- Katten zijn zeldzaam, maar dit wordt gecompenseerd door het teveel aan honden. Je kan er letterlijk de straat mee leggen. En meestal liggen ze ook op straat. Wat wel grappig is, is dat er geen rassen meer uit op te maken zijn. Zo kan je een hond hebben met een bruine kop en wit zwarte vlekken op zijn lijfje. Meestal doen die niets, maar als ze toch blaffen of dichterbij komen, dan smijten ze er gewoon een steen naar. In het geval van Kim was dit een rol wc-papier. In onderstaande foto zie je dat ik net ben ontkomen aan een aanval. Gewoon renneeeeen..!!


- Ook de cinema is een gebeuren op zich. Volgens Kim en Dries is deze van Sucre vrij normaal, maar in Potosi ligt dit net iets anders. Daar komen de Bolivianen toe tot 3 kwartier na de starttijd van de film. Aangezien babysitters hier niet bestaan, komen ook de babietjes meekijken naar de film. En als er een gsm afgaat tijdens de film, dan nemen ze die zonder gene op.

- Diensten worden vaak spontaan aangeboden op straat. Zo kwam ik onlangs in een klein dorpje een huis tegen met een bordje "wij wassen kleren".

- Als je aan een cholita betaalt aan een kraampje, zie je ze eerst in 3 van haar zakken zoeken naar enkelgeld. Als ze daar niet de juiste munten vindt, heft ze een van haar rokken op en blijken er ook daaronder nog zakjes met geld te zitten. Dit is om te voorkomen dat zakkenrolles met al haar geld in 1 keer aan de haal zouden kunnen gaan.

Ziezo, dit is een deel van rare gewoontes die ik tijdens mijn korte tijd in Bolivie heb opgemerkt. Mijn conclusie is dat alles er toegelaten is, wat soms tot grappige situaties leidt. Maar evengoed geeft dit heel wat charme aan het land, want je hoeft je niet snel te schamen. Niet voor de kleren die je aandoet (hoe meer ze stinken, hoe meer je je hier thuis voelt) en ook niet voor je gedrag. Ieder doet z'n ding en niemand spreekt je daar op aan.

Kortom: de organisatie die Belgie zo uitzonderlijk kenmerkt, zou hier af en toe welkom zijn. Maar evengoed lieten de Bolivianen mij een poepje ruiken tijdens mijn reis..: "tranquiiiila mamacita liiiinda". Op't gemak dan maar!